Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 19 september 2019

Antwoorden op de schriftelijke vragen vanuit D66 over de aanrijtijden ambulance

In de Tubantia van 13 juni lezen we dat Ambulancedienst Oost in de top 3 staat van de ambulancediensten in Nederland, maar dat de aanrijtijden toch een zorgenkindje zijn. De norm is dat de ambulance bij spoedritten in 95% van de gevallen binnen 15 minuten aanwezig moet zijn. Twentebreed wordt 95,7% gehaald en daarmee staan we dus in de top 3. Als echter de aanrijtijden per gemeente worden bekeken, zie je dat langs de grens van Twente, met name in de gemeenten Dinkelland, Losser en Hof van Twente dit percentage niet wordt gehaald. In 11,9% van de urgente ritten in Hof van Twente, duurde het langer dan 15 minuten voor een ambulance aanwezig was. Hiermee wordt fors onder de norm pepresteerd.

Voor Dinkelland en Losser wordt vooral gekeken naar afspraken over de grens met Duitsland. Ook Hof van Twente wordt aangemerkt als grensgebied, maar we zouden ons kunnen voorstellen dat dit hier minder zou moeten spelen omdat deze grens alleen andere veiligheidsregio’s binnen ons land omvat.

Vragen:
1. Is de burgemeester/het college bekend met de problematiek rond de aanrijtijden in
onze gemeente?
Antwoord: Uit de cijfers van Ambulancedienst Oost blijkt dat de aanrijdtijden in onze gemeente gemiddeld tussen de 15 en 16 minuten ligt. Wettelijk is de norm om in 95% van de gevallen binnen de 15 minuten ter plaatse te zijn in onze regio. Deze norm is niet per gemeente vastgesteld. Regionaal wordt de norm gehaald. Wij zijn op de hoogte van de continue monitoring door de ambulancedienst. Zij kijken constant naar hun prestaties en toetsen of de ambulances op de juiste plekken staan.

2. Is ook bekend hoeveel de aanrijtijd wordt overschreden (is dit 16 minuten in plaats  van 15, of duurt het echt veel langer)?
Antwoord: Zie antwoord onder 1. De aanrijdtijd is nu de norm, maar het zegt niets over de kwaliteit van zorg. Soms kan 13 minuten ook te laat zijn. Landelijk loopt er een discussie ver andere kwaliteitsindicatoren dan alleen maar tijd. Lekenhulp (bij reanimaties) levert al een mooie bijdrage aan de kwaliteit van zorg. De dekking van Lekenhulp in onze gemeente is erg goed georganiseerd.

3. Is bekend wat de consequentie van de overschrijding van aanrijtijden is, heeft het tot grote problemen geleid?
Antwoord: Er heeft geen inspectieonderzoek plaatsgevonden. Als er grote problemen waren geweest, waren die bij de inspectie neergelegd die dan vervolgens een onderzoek instelt.

4. Voor Dinkelland wordt de oplossing vooral gezocht in afspraken met de Duitse collega’s. Voor Hof van Twente lezen we als suggestie een extra ambulancepost in Goor, maar daar hangt uiteraard een prijskaartje aan. Zijn er voor Hof van Twente afspraken met de ambulancediensten in de aanliggende regio’s en zou hier niet ook een deel van de oplossing in kunnen liggen?
Antwoord: Er zijn afspraken gemaakt met aanliggende regio’s. De meldkamer is verantwoordelijk voor de inzet van de dichtstbijzijnde auto. Hierover zijn landelijke afspraken gemaakt. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat wanneer een ambulance uit Amsterdam leeg terug rijdt naar het westen dat hij dan bijv. in onze gemeente wordt ingezet omdat hij dan op dat moment het meest dichtbij is. Iedere ambulance die in onze regio rijdt moet zich
inmelden bij onze meldkamer. Op basis van GPS wordt de ambulance ingezet die er het snelste kan zijn.

5. Het lijkt er nu een beetje op dat snelle zorg met name in de stad goed is geregeld, terwijl aan de grenzen van ons gebied de aanrijtijden regelmatig niet worden gehaald. Is de burgemeester/het college het met ons eens dat we ook hier in de grensgebieden recht hebben op snelle en goede zorg?
Antwoord: Er heeft een proef gedraaid met een extra ambulance bij de brandweerkazerne in Goor. De ervaringen waren positief en hier gaan ze in 2019 mee door. Alleen de plek van de brandweerkazerne is niet de meest ideale qua infrastructuur waardoor kostbare tijd alsnog verloren gaat. Mooier zou zijn bijvoorbeeld op Zenkeldamshoek. Een alternatieve locatie in Goor is onderwerp van onderzoek, de mogelijke kosten zijn nog niet in beeld. Officiële standplaatsen worden aangewezen door het RIVM. Markelo is een officiële standplaats. Door de periodieke toetsing van de standplaatsen op basis van de aanrijdtijden wordt ook bekeken of Markelo nog de juiste plek is. Wellicht is er een centraler punt te realiseren om onze gemeente beter te kunnen bedienen, maar dat is aan het rivm.

6. En wat gaat de burgemeester/het college er aan doen om snelle en goede zorg te bewerkstelligen?
Antwoord: Via de contactpersoon binnen onze gemeentelijke organisatie wordt vinger aan de pols gehouden. Door regelmatig contact en periodiek gesprekken met de directeur van Ambulance dienst Oost worden wij op de hoogte gehouden van ontwikkelingen en communiceren wij onze wensen en/of zorgen. Maar wij hebben geen bevoegdheid in dit dossier. Het RIVM is verantwoordelijk en die valt rechtstreeks onder het ministerie van VWS.